De winkelprijs van een CD is opgebouwd uit drie elementen:
- De prijs die de platenmaatschappij berekent aan de handel (PPD)
- De marge van de winkelier ter dekking van zijn kosten en winst
- BTW
Inkoopprijs De diverse maatschappijen hanteren eigen PPD's en kortingssystemen waardoor een detaillist betere inkoopcondities kan genieten bij maatschappij X dan bij maatschappij Y. Door de concentratie en schaalvergroting binnen de detailhandel is de concurrentie tussen platenmaatschappijen heviger geworden: speciale kortingen, bijdragen in joint promotions, het al dan niet toestaan van retourneren en andere financiële incentives behoren tot de meest geëigende concurrentiemiddelen.
(zie ook: 'welke kosten heeft een platenmaatschappij')
Marges Een speciaalzaak heeft hogere marges nodig dan een zaak die cd's als bijproduct of loss-leader product voert zoals drogisterijen en supermarkten. Bedrijven die cd's als loss-leader gebruiken, behalen hun marges uit andere producten en bieden een beperkt assortiment CD's met een hoge omloopsnelheid tegen zeer lage prijzen. Hierdoor ontstaat soms de indruk dat prijzen bij andere aanbieders te hoog zijn.
BTW Ook de door de overheid bepaalde BTW op geluidsdragers draagt bij aan de totstandkoming van de consumentenprijs. In Europa varieert deze van 15% tot 25% en in de VS van 0% tot 8,5%. De muziekindustrie is het al jaren een doorn in het oog dat muziek door de overheid nog steeds niet als cultuurproduct wordt gezien (i.t.t. bijvoorbeeld bladmuziek en concertkaartjes) en hierdoor in het hoge BTW-tarief valt. Inkoopprijzen (voor de detailhandel)
internationaal De VS hebben een eigen plaats in de wereldmuziekmarkt. De situatie aldaar is eigenlijk moeilijk te vergelijken met de West-Europese situatie. Van invloed zijn zaken als schaal-grootte, goedkopere distributie, lagere auteursrechten, lagere BTW tarieven (van 0 tot 8.5%).